Categorieën
Resultaat 1–25 van de 53 resultaten wordt getoond
De basis: was, lont en mal
Om zelf kaarsen te gieten, heb je drie basiselementen nodig. De belangrijkste is natuurlijk de kaarsenwas. Dit kan paraffine, stearine, bijenwas, koolzaadwas of een andere soort was zijn, vaak verkocht in korrels of pastilles die je veilig kunt smelten (bij voorkeur au bain-marie). Ten tweede heb je een kaarsenlont nodig van de juiste dikte, afgestemd op de diameter van de kaars, om te zorgen dat de kaars mooi en gelijkmatig opbrandt. Ten derde kies je een kaarsen gietmal in de gewenste vorm, bijvoorbeeld van metaal of hittebestendig kunststof/siliconen.
Kleur en geur toevoegen
Het leuke aan zelf kaarsen maken is dat je ze volledig kunt personaliseren. Voeg tijdens het smeltproces speciale kleurpigmenten of kleurwas toe aan de gesmolten kaarsenwas om je kaars elke gewenste kleur te geven. Experimenteer met het mengen van kleuren of creëer lagen met verschillende tinten. Wil je ook een heerlijke geur? Voeg dan enkele druppels speciale geurolie toe aan de gesmolten was vlak voordat je gaat gieten. Kies uit talloze geuren, van bloemig en fruitig tot warm en kruidig.
Decoreren: de finishing touch
Naast het gieten kun je kaarsen ook achteraf decoreren. Met speciale kaarsenpennen kun je direct op het oppervlak van een (bestaande of zelfgemaakte) kaars tekenen of schrijven. Een andere optie is het gebruik van versierwas of kneedwas (vaak te vinden onder kaarsen kleurwas, kneedwas en versierwas). Dit zijn dunne, gekleurde plakjes was die je kunt uitknippen of vormen en vervolgens op de kaars kunt plakken door de warmte van je handen. Hiermee kun je eenvoudig figuren, letters of andere decoraties aanbrengen, ideaal voor het personaliseren van bijvoorbeeld doopkaarsen of gelegenheidskaarsen.
Het proces van kaarsen gieten
Het gieten zelf vereist enige voorzichtigheid. Smelt de was langzaam au bain-marie (in een bakje boven heet water) tot deze volledig vloeibaar is. Voeg eventueel kleur en geur toe. Bereid de mal voor door de lont te centreren (vaak met behulp van een lontpen of door hem aan een stokje te knopen dat over de mal ligt). Giet de gesmolten was voorzichtig in de mal. Laat de kaars volledig afkoelen en uitharden (dit kan vele uren duren) voordat je hem voorzichtig uit de mal haalt.
Veelgestelde vragen
Plantaardige wassoorten zoals soja of koolzaad geven minder roet en branden langzamer dan paraffine. Ze zijn geurneutraal, waardoor toegevoegde aroma’s beter tot hun recht komen. Bijenwas geeft een natuurlijke honinggeur en heeft van nature een langere brandtijd. Kies wat past bij je gewenste geurbeleving en duurzaamheid. Controleer de smelttemperatuur zodat je de juiste thermometerinstelling gebruikt.
Meet de diameter van je mal op het breedste punt. Raadpleeg vervolgens een lonttabel van jouw wasfabrikant; elke lontcode correspondeert met een optimale brandbreedte. Een te dun lontje dooft in een tunneltje, terwijl een te dik lontje walmt. Knip de lont steeds tot vijf millimeter na uitharding om de vlam stabiel te houden. Een paar testkaarsen maken met verschillende lonten helpt om de perfecte match te vinden.
Ja, maar houd je aan een dosis van ongeveer zes procent van het wasgewicht. Meng de olie pas door de was wanneer deze onder de negentig graden is gedaald, zodat vluchtige componenten niet verdampen. Roer twee minuten gelijkmatig zodat de geur zich verspreidt. Laat de kaars minimaal 48 uur uitharden voordat je hem brandt; dan is de geur beter gebonden en krijg je minder spatten.
Scheuren komen vaak door te snelle afkoeling of door te veel stearine in de wasmix. Laat de kaars in de mal langzaam op kamertemperatuur terugkoelen en vermijd tocht. Bij grote kaarsen kun je de bovenkant na twintig minuten licht inspuiten met alcohol zodat de toplaag gelijkmatig krimpt. Controleer ook het percentage toevoegingen; een evenwichtige formule geeft een glad, scheurvrij oppervlak.
Verdeel de gesmolten was in twee kommen en kleur ze verschillend. Giet eerst een laag in de mal, wacht tot er een dun vliesje ontstaat en giet dan langzaam de tweede kleur langs de rand. Gebruik een houten stokje om spiraalbewegingen te maken zonder de lont te verschuiven. Het gemarmerde patroon wordt zichtbaar zodra de kaars volledig is uitgehard en uit de mal komt.